Halbe Hindricks
(ca 1690-1764)

 

Gezin

Partners/kinderen:
1. IJttjen Janssen
2. Nieske Duirts

Halbe Hindricks 1

  • Geboren: ca 1690, Noordhorn
  • Huwelijk (1): IJttjen Janssen op 08-02-1711 in Noordhorn
  • Huwelijk (2): Nieske Duirts op 14-02-1717 in Noordhorn
  • Overleden: 03-03-1764, De Westerhorn, Grijpskerk ongeveer 74 jaar oud 2

  Algemeen


Halbe Hindricks is de oudst bekende stamvader in rechte lijn van alle Schripsema's. In 1711 kwam hij van Noordhorn, toen hij daar trouwde met zijn eerste vrouw. Hij gebruikte tot 1721 een boerderij bij Oxwerd. Zijn ouders kan ik tot nu toe niet vinden. De vader van Halbe Hindricks was vast een Hindrik. Mogelijk heette zijn moeder Anje of Geeske, gezien de namen van Halbes eerste dochters. De naam Frans voor zijn 8e kind is raadselachtig. | Halbe Hindricks is the oldest known primogenitor of all Schripsemas. In 1711 he came from Noordhorn, when he married his first wife. He was a farmer then at Oxwerd until 1721. So far, I cannot find his parents. Halbe Hindrick's father must have been a Hindrik, that's all I know. Possibly his mother's name was Anje or Geeske, regarding the names of Halbe's first daughters. The name of Frans for his 8th child is puzzling.

  Bij het onderzoek

Halbe zou, gezien de vernoemingen, een zoon kunnen zijn van Hindrik Janssen van Tolbert & Antje Halbes van Niebert. Zij trouwden op 1-1-1677 in Tolbert.
Hierna wordt het gissen, maar wel interessant, zoals bij de broers en zusters van Antje Halbes. Haar vader was dus een Halbe. Volgens Andreas Oudman het volgende rijtje:

Halbe NN was born about 1624. NN and Halbe NN were married about 1648.
11. NN was born (date unknown).
Halbe NN and NN had the following children:
i. Hindrik HALBES was born about 1650.
5 ii. Antje HALBES, born abt 1652, Niebert.
iii. Ubel HALBES was born about 1658.
iv. Sipke HALBES was born about 1659.
v. Frans HALBES was born about 1660.
vi. Jan HALBES was born about 1660.


De namen Hindrik, Antje, Sipke en Frans komen in ieder geval voor bij de kinderen van Halbe Hindricks, maar zijn bovenstaanden werkelijk broers en zusters?

In 1705-1706 was Garbrand Wiersma (Wijrsema) van Oxwerd curator in zaken van Repke Jans Froma. Het zou best kunnen dat Halbe Hindricks deze beide mannen in zijn jeugd heeft gekend, want Halbe kwam in 1722 van Oxwerd bij Noordhorn om te gaan wonen op zijn nieuwe boerderij Ooster Froma, Lutjegast. Oxwerd is ook de plek waar zijn schoonmoeder Agnietje Luirts was geboren.

  Persoonlijke feiten

Hij was op 11-12-1712 lidmaat op belijdenis te Noordhorn.
"... Nieuwe Ledematen zijn op belijdenis Halbe Hindrix en IJtjen Janssen Ehlieden op Oxuwert".
In 1721 woonde hij nog in Noordhorn en was hij daar "Diakon". In juli 1722 werd hij in Lutjegast ingeschreven, samen met Nieske Duirds, als lidmaten met attestatie.
Op 30 oktober 1726 was hij daar diaken. Op 26-10-1730 werd hij ouderling. In 1736 werd hij weer als ouderling ingeschreven. Vervolgens weer in 1749: "Den 26 Decemb. is door volle toestemming tot ouderling vercoren in plaats van Jan Hindrix Smit, Halbe Hindrix". In 1752 gaat Halbe Hindricks af en wordt opgevolgd door Claas Harms, om in 1754 opnieuw ouderling te worden. Tenslotte gaat hij weer af op 26 december 1756 om te worden opgevolgd door Cornelis Barnjes. Op 17 juni 1762 wordt zijn naam in een Acta Consistori genoemd onder de diakenen en ouderlingen die worden "geciteerd" bij de Hoge Justitiekamer om te delibereren over een geldkwestie. Hij behoort aan het eind echter niet tot de ondertekenaars. | He was a deacon on 30-12-1726, and an elder on 26-12-1730 and also in 1736, 1749, 1752 and 1754 till 1756.

Hij gebruikte in 1721 72 grazen land op Oxwerd te Noordhorn. 3 4
Volgens het schat- of verpondingsregister van 1721 gebruikte Halbe Hindriks 54 grasen land van vrouw Canters en 18 grasen van de heer van Hanckema.
De huidige boerderij ligt aan de Rijksstraatweg 40 in Okswerd, iets ten westen van Noordhorn. Het is de derde boerderij links vanaf de boerderij Norrits in westelijke richting.

Op een kaart van 12 oktober 1659 staat het land van de boerderij getekend. Eigenaresse is dan "Vrouw Drostinne Canters", terwijl Jacob Reijntiens de gebruiker is. De grootte was 43 3/4 gras en 34 voeten.
In 1755 wordt deze boerderij, die dan door Enne Berends en Lubke Arends wordt gebruikt, door Canters' erfgenaam Harm Canter verkocht aan Hoofdman J. Wolbers. Hierna komt de eigendom in handen van de familie Geertsema van Sjallema.

Latere gebruikers, na Halbe Hindricks en Enne Berends, werden Pieter Klasen (Pol) en Aaltje Pieters (Barsema) en erfgenamen; Meindert Rijpkes Krijthe en Antje Ewolds Gorter; Abel Abels Iwema en Grietje Homan.



Na 1722 was hij Eigenerfde op Ooster Froma te Lutjegast.
In dat jaar kocht hij de "behuisinge en beklemminge" van Ooster Froma en in 1726 nog 42 grazen land in de Westerhorn onder het Caspel Lutkegast. Daarmee voldeed hij aan de eis om Landdagcomparant te kunnen worden. Vanuit Ooster Froma kon hij de borg Rikkerda zien liggen. Dat was het huis van Danil Onno de Hertoghe, Heer van Rikkerda en Feringa en daar zullen wel enkele van zijn contracten zijn getekend. | In 1722 he bought the rights and the house of Ooster Froma and in 1726 also about 57 acres of land in the Westerhorn in the community of Lutjegast. This gave him the opportunity to be a Member of the Convention of the Provincial Council of Groningen for twentytwo years (1727-1749). From Ooster Froma he could see the nearby castle of Rikkerda, which was the place to sign most of his contracts.



Halbe woonde na 1722 op Ooster Froma in de Eijbersburen te Lutjegast. 5
Ooster Froma
ligt in de Besheerspolder, ten westen van Sappemaheerd. Ten westen van Ooster Froma ligt de 14e eeuwse Wattemaheerd of Wattemastede waarvan zijn kleinzoon Jan Sipkes Wattema later de eigenaar werd. Zie verder de voetnoten. | Ooster Froma is situated west of Sappemaheerd, just like the 14th century Wattemaheerd or Wattemastede which was owned by his grandson Jan Sipkes Wattema, later. See also the footnotes.



Hij bezat in 1726 42 grazen land in de Westerhorn te Lutjegast. 6 7 8 9
Op 21 Februari 1744 kochten Halbe Hindriks en Nieske Duirts nog meer land: "4 grasen groen Lant in de Westerhorn voor de somma van driehondert vijftien gulden vijftien stuivers van Dedmer Jacobs te Collum, namens sijn huijsvrou Anna Catarina Pytters"... | Halbe Hindriks and Nieske Duirts bought another "2 hectares of green land in Westerhorn to the tune of three hundred fifteen guilders fifteen nickels from Dedmer Jacobs in Collum, on behalf of his housewife Anna Catarina Pytters".



Registratie Landdagcomparant: 21-02-1726, in Lutjegast. 10
"Eodem [dezelfde datum, 21-2-1726] laat Halbe Hindrix registreren om als Eig:Erfde ten Landdage geadmitteert te worden een verzegelde koopbrieff de dato de 18 Februari 1726, waarmede verdedigt een heerdt land groot 42 grasen in de Westerhorn gelegen onder Lutkegast, Ooster Froma genaamt.
Idem eod. dato een papieren koopbrieff de dato de 30 Januari 1722 waarmede verdedigt zijn behuisinge en beklemminge van Ooster Froma onder Lutkegast met de volle quitantie van het coopschat onder deSelve."

Hierdoor kon hij tweentwintig jaar verschijnen als vertegenwoordiger voor Lutjegast op de Landdagen van Gedeputeerde Staten van Stad en Ommeland. Halbe Hindricks werd 11 keer voor 2 jaar aangenomen als Landdagcomparant. De 12e keer, in 1749, werd hij afgewezen. Het waarom staat er niet bij, maar misschien hangt het samen met een belangrijke wijziging van het Reglement Refermatoir in 1749. De onderkwartieren waarin de Ommelanden waren verdeeld werden afgeschaft om een einde te maken aan de machtstrijd onder de jonkers. In deze streek woedde de strijd tussen de huizen Feringa-Hankema-Bennema en Rudolf de Mepsche. Een onderdeel van hun politiek was het verzamelen van zoveel mogelijk stemmen op de Ommelander Landdagen door het aantal stemhebbende eigenerfden kunstmatig uit te breiden. Dit kon eenvoudig door de zgn. "schijnverkopen" zonder betaling van stukken land, zodat de "eigenerfde" boeren minstens 30 grazen land zouden bezitten. Na verloop van jaren werden sommige van deze schijnverkopen weer ongedaan gemaakt. In het proefschrift "Bloeitijd en verval van de Ommelander Adel" van H. Feenstra (RUG 1981) worden de namen van de betrokken boeren genoemd, o.a. een Jan Hindriks (mogelijk de meester smit op Eibersburen?), maar niet die van Halbe Hindricks. Mogelijk stond Halbe met zijn landbezit buiten deze schijnverkopen; zijn land werd later op een normale manier, na zijn dood, door zijn erfgenamen verkocht op 12 juli 1783.

Geldzaken: Taxaties, tussen 1730 en 1731, Lutjegast.
Halbe moest 4 gulden betalen. Bij de 46 landgebruikers is dat boven het gemiddelde (2,6 gulden). Het hoogste bedrag was 12 en het laagste was 1 gulden.

Geldzaken: Hij sloot verschillende leencontracten, 1738-1764, Lutjegast. 11 12 13
In een schuldbekentenis van 6 juni 1738 staat dat Jelle Popkes en Zeijke Fockes, eghteluiden woonagtig onder het Caspel Lutkegast, 250 Caroly guldens hebben geleend van Halbe Hindricks en Nieske Duirts. Verder is er een uitgebreide terugbetalingsregeling waarbij de E. Jan Hindricks de Jonge zich borg stelt in Cas van wanbetaling. Ondertekend met Erfzegul en naamsonderschrijving door jonker en Hovelinck D.O. De Hertoghe. | Jelle Popkes en Zeijke Fockes in Lutjegast borrowed 250 Guilders from Halbe Hindricks and Nieske Duirts. Jan Hindricks the Younger stood surety according to an elaborate refunding arrangement.

Op 2 juni 1757 zijn Geert Alberts (meester smit) en Diewerke Jacobs, ehelieden te Lutjegast, 100 Car. guldens schuldig aan Halbe Hindriks en vrouw. Op 6-2-1758 zijn ze ook nog 100 Car. guldens schuldig aan Haske Willems en 100 Car. guldens aan Jan Hindriks (meester smit op de Eijbersburen) en zijn vrouw Froukje Hindriks.

Vlak na de dood van Halbe Hindricks tekenen op 19 november 1764 Claas Egberts (meester smit) en Antie Willems, egtelieden, een schuldbekentenis. Zij zijn schuldig aan Sijmen Reijnjes en Froukie Jacobs, egtelieden, 200 gulden wegens 2 obligatin; als de eene ten profijte van de erven van Haske Willems 100 gulden en de ander ten profijte van wijlen Halbe Hindriks en Nieske Duirts, meede 100 gulden houdende ten laste van de smitsrije op de Eijbersburen. | Claas Egberts (master blacksmith) borrowed 100 Guilders from Sijmen Reijnjes and Froukie Jacobs and also 100 Guilders from Halbe Hindriks and Nieske Duirts, who took as security the forge near Eijbersburen.

Hij was vreemde voogd op 03-05-1752. 14
Na het overlijden van Jantien Jans, de vrouw van Barnje Harings, moest een akte van afkoop worden opgesteld. Hierbij werden de rechten van de pupillen op de nalatenschap van hun ouders afgekocht. Eerst werd dan de nagelaten boedel geinventariseerd. Bij de boedelinventaris op 3 mei 1752 waren aanwezig: Hans Jans als voormond; Claas Haarens [Harings, Harms?] als sibbe en Halbe Hindriks als vreemde voogd over een minderjarig kind van wijlen Jantien Jans bij Barnje Harings. Er blijkt ook nog een schuld van 12 gulden te bestaan aan Halbe Hindriks wegens landhuur; een schuld van 5 gulden aan Willem Dootjes, de schoenlapper; aan Pieter Hotzes [Venema?] wegens een lening; aan Jelmer Sikkes [Steenhuizen?] wegens landhuur en aan Jan Reinders een schuld van 2 gulden wegens nieuwe schoenen. | Hans Jans, Claas Haarens (Harings, Harms?) and Halbe Hindriks are appointed guardians to an underaged child of the late Jantien Jans and Barnje Harings.


Halbe trouwde met IJttjen Janssen op 08-02-1711 in Noordhorn. (IJttjen Janssen werd geboren in De Ruigewaard, Grijpskerk en overleed vr 1717.)

  Huwelijksfeiten



Zij kondigden hun huwelijk aan op 08-02-1711 te Grijpskerk. Met attestatie naar Noordhorn: Halbe Hindriks, van Noordhorn & IJtjen Jansen, van De Ruigewaard


  Bij het huwelijk

Uit dit huwelijk zijn geen kinderen bekend. | From this marriage no children were found.

Halbe trouwde vervolgens met Nieske Duirts, dochter van Duijrt Jacobs, van de Monnikedijck en Agnietje Luirts, op 14-02-1717 in Noordhorn. (Nieske Duirts werd geboren circa 1692 in Oostwold 15 en overleed vr 12-07-1783.)

  Huwelijksfeiten

Zij kondigden hun huwelijk aan op 31-01-1717 te Noordhorn. Halbe Hindriks, van Noordhorn & Nieske Duirts, van Oldekerk


Bronnen


1 A. Huizinga [red. A. de Jong et al], Huizinga's complete lijst van voornamen (Baarn, Tirion), p 109. Vindplaats: Catalogusnummer: ISBN 90-5121-744-7. Halbe (m) - Naar de H. Halilulfus, van het Oudgermaanse hal = man en v(ulf) = wolf. De manlijke (sterke) wolf.

2 DTB Boeken Provincie Groningen, Lutjegast Overledenen 1684-1776.

3 Rechterlijke Archieven Groningen, Statenarchief, Inv 2146 Schat- of verpondingsregister van Noordhorn en Zuidhorn.

4 J. Hofman en A.W. Teelken (Historische Kring Zuidhorn), Boerderijen in en om Noordhorn, Zuidhorn en Briltil (Profiel, Bedum, 2009), N-7 Rijksstraatweg 40, Noordhorn, pag. 138.

5 H.S, De oude boerderij "Ooster Froma" is in 1817 vervangen door een nieuwe, op de fundamenten van zijn voorganger, aan de Westerhornerweg 38, precies 500m. ten N.O. van de vroegere borg "Froma" aan de huidige Stationsweg. In de huidige schuur zijn nog oude kloostermoppen en binten verwerkt en in de bodem werden een met turf beklede put met vrijwel intacte pomp gevonden, alsmede een compleet paardengeraamte. Een ingemetselde gevelsteen van 1817 heeft de initialen J.J.D. en G.H.F. (Jan Johannes Dijk en Grietje Hillebrands Feringa). Het land dat in 1827 bij de boerderij hoorde lag ten noorden van de Westerhornerweg tot aan de Oude Tocht of Reit. Verderop, langs de stationsweg richting Visvliet ligt volgens de Historische Atlas van Groningen ook nog een Froma State, bij de kruising met de Oude Ried.

6 Taxaties in het gewest Stad en Lande in de Republiek der Verenigde Nederlanden in 1730/1731 (Groninger Archieven te Groningen, Tn 1 (Staten van Stad en Lande 1594-1798), Inv 2217 (Kohier van het taxatiegeld van 1730 en 1731), gedateerd 1732.), Lutjegast. 1730-1731

In Lutjegast werd hij aangeslagen voor 4 gulden.

7 Rechterlijke Archieven Groningen, Losse Verzegelingen Tn 735 Inv 76. 21 februari 1744

"Betuige met desen open en versegelde brieve dat persoonelijk voor mij is gecompareert Dedmer Jacobs woonagtig te Collum in vriesLand de welke belede en bekende en Last en procuratie hebbende van sijn huysvrou Anna Catarina Pytters in dato den 21 Febr 1744 welke procuratie bij mij Zegelaar gesien is en gelesen Stede vast en onherroepelijk verkogt te hebben an Halbe Hindriks en Neijske Duurts egtelieden woonagtig tot Lutkegast vier grasen groen Lant uit de Plaatse so bij Abel Jans als meijer wijse wordt gebruikt met de ordinatie uit reede na de weg naar de landen van Cornellis Pauwels hebbende tot naasten Swetten ten noorden en oosten en Zuiden Jan Derks en ten westen Cornellis Pauwels en Cons. gelegen in de westerhorn onder het Caspel Lutkegast en Zulks verkogt voor de somma van driehondert vijftien gulden vijftien Stuivers om Zulks te betalen in twee Termijnen als de geregte half scheijt op den 29 Febr 1744 ter Somma van 157 gulden 17 St. 4 duit en de overige helfte op den 28 Febr 1745 ter gelijke Somme voors beloven de verkopers het verkogte vrie te leveren hoeden en wagten en waren voor alle actien en an Sprake so voor Dato deses daar voor of tegen mogten Zijn geweest daar voor ten onderpant stellende alle Zijne (..) goederen met Submissie als na regte den 21 Febr 1744
D.O. De Hertoghe
Dedmer Jacobs
halbe hindercks".

NB Nieuw Groninger Woordenboek, K. ter Laan: 1 graas = daimt = dagmad = wat 1 man in 1 dag maait = 0,55 ha. New Groninger Dictionary, K. ter Laan: 1 graas = daimt = dagmad = what 1 man mows in 1 day = 0,55 ha = 1,36 acres.
NB 2 Dedmer Jacobs was een bakker te Kollum
NB 3 Jan Derks was o.a. getrouwd met Tietje Jans, voorouders van de families Feitsma en Doornbos.

8 Rechterlijke Archieven Groningen, Tn 1928 Inv 5. 1750

Register van de 4de verponding ende pagt ende zijlschot Lutjegast 1750:

Halbe Hindriks
64 Grasen: 20-3-4,
de 10de part: 2-0-3 ,
zeilschot 0-4-0,
tesamen 22-7-7

Hindrik Halbes
4 Grasen; 0-14-3,
de 10de part: 0-1-4,
zeilschot 0-0-2,
tesamen 0-16-1.

9 Jeroen Zomer, Middeleeuwse veenontginningen in het getijdebekken van de Hunze.
Bijlage 6: Resultaten retrospectieve bezitsreconstructie Heerden Lutjegast en Grootegast (Groningen, RUG, 2016), 25. Suanster, in de Noordercluft. Vindplaats: Digitale Bronbewerkingen Nederland Belgie, www.geneaknowhow.net/digi/gronlinks-ni.html.

10 Registratieboek van de bezittingen der landdagcomparanten 1665 - 1793 (Inventaris der Ommelander Archieven), Tn 2 Inv 139 fol 130.

11 Rechterlijke Archieven Groningen, Westerdeel Langewold, Losse Verzegelingen. 6 juni 1738

Schuldbekentenis van Jelle Popkes en Zeijke Fockes.

NB De hier genoemde Jan Hindriks de Jonge was in 1761 de gebruiker van 84 grazen land bij "de hofstede ofte heerlijckheidt Froma, groot 94 grazen met eene schoone woninghe" - ook wel genoemd een huis met grachten en cingel en heerlijkheid. In dat jaar werd de behuizing met de beklemming van het land publiek verkocht aan Danil Jans Kiestra (Groninger Borgen, p 236).

12 Rechterlijke Archieven Groningen, Lutjegast, Losse Verzegelingen. 2 juni 1757

Schuldbekentenis van Geert Alberts (meester smit) en Diewerke Jacobs.

NB Zie ook 6-2-1758.

13 Rechterlijke Archieven Groningen, Westerdeel Langewold, Losse Verzegelingen. 19 november 1764

Schuldbekentenis van Claas Egberts (meester smit) en Antie Willems.

14 Rechterlijke Archieven Groningen, Tn 735 Inv 51. 3 mei 1752.

15 DTB Boeken Provincie Groningen, Oldekerk, Oostwold. Haar ouders, Duirt Jacobs en Agnietje Luirts, echtelieden te Kuismar, komen in 1696 met attestatie van Oostwold. Helaas gaat het Doopboek in Oostwold niet verder terug dan 1710.
In Oostwold is dus geen doop te vinden, maar op 18-12-1712 wordt Nieske tot de kerk van Oldekerk toegelaten, als jongedochter. Haar zuster Hiltje wordt toegelaten op 19-12-1717. Deze is dan 20 jaar. Als Nieske ook 20 jaar was bij haar toelating, dan zou ze geboren kunnen zijn in 1692.


Startpagina | Inhoudsopgave | Achternamen | Naamlijst

Deze webpagina werd gemaakt op 14-11-2021 met Legacy 9.0, een onderdeel van MyHeritage.com; inhoud copyright en onderhouden door de website eigenaar